Het begin, deel 1

De volgende ochtend, dat was schrikken zeg.

Ze kwam uit bed, voelde zich verder prima. Hoorde de meisjes boven rommelen en aankleden. Nadat de dames hadden besloten mee te doen aan deze dag, schoven ze aan de ontbijttafel. Dan krijg je als ouder al zo’n gevoel dat er iets niet klopt, je zegt er verder niks over. Je wilt immers geen paniek zaaien, maar je kijkt toch nog een tweede keer. Zelfs nog een derde keer en dan kan je niet anders dan er wat van zeggen: “Goh, heb jij zo’n last van je ogen moppie?” Als je dan als antwoord terug krijgt: “Uhm, nee. Wat is er dan?” Zit er een  meisje van 8 jaar aan de ontbijttafel met volledige bloeddoorlopen ogen. Net zoals je in spannende actiefilms ziet. Al het wit van haar ogen waren volledig helder rood. Het deed haar geen pijn en we mochten er gewoon naar kijken.

Maar ja wat doe je dan? Voor een paar rode ogen de huisartsenpost bellen? Maar ja voor een paar rode ogen én overal onverklaarbare blauwe plekken. Zou dat dan wel een reden kunnen zijn om te bellen? Na overleg met mijn tante die op dat moment langs kwam, toch maar even contact opgenomen met de HAP. Daar kreeg ik een hele fijne telefoniste aan de telefoon, die stelde goede vragen en vele kon ik ook prima beantwoorden. Ze had geen pijn, was goed aanspreekbaar, geen koorts en was verder fit. De telefoniste ging even overleggen met de huisarts. Na een moment in de wacht te hebben gehangen kregen wij het verzoek om toch maar even langs te komen. We hebben een tijd afgesproken en ze mocht gewoon nog even haar ontbijt opeten. Tante, vader en zusje gingen de deur uit en wij tweeën niet veel later. Onderweg naar de HAP.

We zijn nog geen twee minuten onderweg, krijg ik telefoon. Was het de huisarts, met de vraag of we al onderweg waren. Want als dat niet het geval was. Dan konden we wel thuis blijven hoor. Want voor een paar rode ogen hoefde we niet langs te komen. Daar deden ze toch niks aan. Toen ik aangaf mij zorgen te maken over de rode ogen met blauwe plekken én we al onderweg waren. Mochten we toch doorrijden en zouden ze er  even naar kijken.

Na ongeveer 50 minuten wachten in de wachtruimte van de HAP werden we naar binnen geroepen. Ik heb altijd het gevoel bij dit soort bezoeken dat je sneller buitenstaat dan dat je in de wachtkamer hebt gezeten. Nou ook bij dit bezoek was dit het geval. We kwamen de kamer binnen en de huisarts van dienst meldde ons dat ze het al had gezien. Een virale infectie aan haar ogen. Gaat van zelf over, goed schoonhouden en voor je het weet is het weer in orde. Na mijn verzoek toch haar blauwe plekken laten zien, deze zijn genoteerd en daar moesten we toch echt maandag maar even de huisarts voor bellen. Die zou ons voor bloedonderzoek wel op pad sturen. Een beetje beduusd reden we terug naar huis, ik had er toch wel iets meer van verwacht. Ik voelde me helemaal niet serieus genomen en dan rij je met je goede gedrag maar weer naar huis. Met een paar verkouden ogen, zoals het aan haar werd uitgelegd.

Dit was fase 1 van het begin. Het krijg nog een vervolg.

Geef een reactie